Vilt per meter

Vilt is een niet-geweven textielsoort die wordt vervaardigd door samenpersing van wol. De vezels vormen de structuur van de stoffen.

Vilt was vermoedelijk de eerste vorm van textiel die de mens vervaardigde, al komt ook een prehistorische manier van ineenvlechting van plantenstrengen daarvoor in aanmerking. In elk geval ging de uitvinding van het vilt die van het weven en het breien ruimschoots voor. De oudste bewaarde viltresten dateren van ca. 6500 voor Christus en werden gevonden in Klein-Azië.

Een kenmerk van de wolvezel zijn de schubben. Als de vezel langs elkaar schuiven en de schubben zijn tegengesteld gericht dan zullen de schubben in elkaar haken. Vilt wordt geproduceerd door wol met heet water te bevochtigen en tegelijk door wrijving te stimuleren, dat de vezels langs elkaar schuiven. Doordat de schubben het teruggaan verhinderen zal de vezelmassa steeds compacter en steviger worden. Deze productiestap heet vollen. Het is een langdurig proces, omdat nooit meer dan vijf procent van de vezels tegelijk van plaats verandert. Iets daarvan is terug te zien als men een wollen kledingstuk heet wast: de wol krimpt doordat de vezels in elkaar zijn gaan haken.

Modern vilt bestaat gewoonlijk voor een groot deel uit andere vezels dan wol omwille van de stevigheid. Vilt moet echter altijd tenminste 30% wol bevatten.